Historische stadsatlas NL

Hoe Nederland een stad werd

De Stadsatlas NL is in ontwikkeling en verschijnt in augustus 2021

 

Een stad is pas een stad als zij stadsrechten heeft. Dat was heel lang de opvatting om het begrip stad te definiëren. Bestuurders van de vele kleine stadjes in Nederland, zoals Medemblik, Edam of Monnickendam, wreven zich dan in de handen en keken misprijzend naar bijvoorbeeld Den Haag dat geen stadsrechten had. Het zal een beetje leedvermaak zijn geweest, maar veel belangrijker was dat de erkenning als stad politieke voorrechten met zich meebracht. Ten tijde van de Republiek, in de zeventiende en achttiende eeuw, mochten de vertegenwoordigers van de steden meepraten en -beslissen in de gewestelijke Statencolleges. De rest werd als platteland beschouwd en moest zijn heil maar zoeken bij de ridderschap, de edelen die de belangen van iedereen buiten de steden geacht werden te behartigen.

Ondanks het feit dat in de Franse tijd (1795-1813) de gemeenten werden ingevoerd, bleef de stad nog steeds van betekenis. Zelfs na de totstandkoming van het koninkrijk in 1814/1815 nog, toen de steden, samen met de ridderschap en de landelijke stand, de leden van Provinciale Staten mochten kiezen. Aan deze staatkundige betekenis van de stad kwam een einde met de grondwetsherziening van 1848 en de invoering van de Gemeentewet in 1851. De derde overheidslaag, naast rijk en provincie, werd de gemeente.

Doordat stadsrechten en politieke betekenis nu geen rol meer speelden voor de definitie van een stad, werd geleidelijk meer gekeken naar de functies. Wat onderscheidt een stad van het platteland? Vanuit geografische en planologische invalshoek werden als kenmerken genoemd: een grote bevolkingsconcentratie, de aanwezigheid van functies voor het omliggend gebied, een heterogene bevolking en een hoge bebouwingsdichtheid.

Deze verruiming van het begrip maakte het mogelijk ook andere kernen als stad aan te duiden. Nemen we als grens een inwonertal van 100.000, dan worden nu ook als steden beschouwd Almere, Apeldoorn, Ede en Emmen. Dat sluit in elk geval beter aan bij het gevoel dat men tegenwoordig heeft van een stad.

Dordrecht in de 16e eeuw

Van de Hollandse steden maakt Dordrecht de meest spectaculaire groei mee. Deze wordt vooral veroorzaakt door de veranderende rivierlopen: steeds meer water in de Maas stroomt via de Waal en de Merwede langs Dordrecht. De stad ontwikkelt zich tot de stapelplaats van alle goederen die over de rivieren worden aangevoerd.